Rondkomen als je psychisch ziek bent: leven van een uitkering

Gepubliceerd op 27 augustus 2026 om 12:05

Er is iets waar ik me soms voor schaam: Ik leef van een WAJONG-uitkering.

Niet omdat ik denk dat mensen die een uitkering ontvangen minderwaardig zijn. Integendeel. Ik weet hoe belangrijk een vangnet kan zijn wanneer je door omstandigheden niet kunt werken. Maar als ik heel eerlijk ben, had ik zelf liever op een andere manier mijn geld verdiend. Ik zou veel liever ‘gewoon’ werken voor mijn inkomen. En ik wil dat in de toekomst ook zeker gaan doen.

Ik heb het geprobeerd

Een WAJONG krijgen betekent voor mij niet dat ik nooit heb geprobeerd om te werken. Juist wel.

Ik heb in de zorg gewerkt. Ik wilde iets betekenen voor anderen, wilde zelfstandig zijn en wilde mijn eigen geld verdienen. Maar werken vroeg op dat moment meer van mij dan ik kon geven. Mijn leven draaide om diensten draaien die ik amper volhield en thuis bijkomen waarna ik voor ik hersteld was mijn volgende dienst weer moest draaien. Ik raakte snel in een burn-out en mijn eetstoornis werd steeds dieper.

Achteraf gezien was ik simpelweg niet gezond genoeg om op die manier te werken. Zowel lichamelijk als mentaal ben ik periodes veel te ziek geweest om een baan vol te houden. Dat besef vind ik soms lastig. Want er zit in mij nog steeds dat stemmetje dat zegt: maar anderen werken toch ook gewoon? Waarom jij dan niet?

Een uitkering is voor mij geen doel

Ik ben er persoonlijk enorm op tegen om een uitkering te ontvangen wanneer dat niet nodig is. Misschien klinkt dat streng. Misschien zelfs een beetje hypocriet, omdat ik zelf een uitkering ontvang. Maar juist daarom wil ik dit onderscheid maken. Op dit moment heb ik nog de WAJONG nodig. Ik kan niet ieder moment van de dag functioneren op het niveau dat ik een volwaardig inkomen kan behalen. Ik raak relatief snel overprikkeld. En wanneer de prikkels te veel worden, houdt het op. Dan kan ik niet simpelweg mijn schouders eronder zetten en nog een paar uur doorwerken. Dat betekent niet dat ik niet wíl werken. Het betekent dat ik het nu nog niet kán op de manier waarop een reguliere baan dat van mij vraagt. En dat verschil is belangrijk.

Het mooie van dagbesteding

Juist daarom ben ik zo blij dat er dagbesteding bestaat. Bij dagbesteding kan ik actief zijn en iets bijdragen, maar binnen de grenzen van wat ik op dat moment aankan. Ik kan werken op mijn eigen niveau, zonder voortdurend het gevoel te hebben dat ik moet presteren alsof ik volledig belastbaar ben. En misschien nog wel belangrijker: mijn dagbesteding heeft geen invloed op mijn WAJONG-uitkering. Dat geeft mij de ruimte om mijn belastbaarheid te vergroten, zonder in grote financiële problemen te raken. Ruimte om bezig te zijn met andere dingen dan werken en ontprikkelen. Om vaardigheden te ontwikkelen. Om onder de mensen te komen. Om te ontdekken wat ik leuk vind en waar mijn mogelijkheden liggen. Zonder dat ik mezelf voorbij hoef te rennen om te bewijzen dat ik wél kan werken.

Ik wil niet voor altijd afhankelijk zijn

Mijn WAJONG is voor nu nodig. Maar ik hoop niet dat dit mijn eindstation is. Mijn toekomstdroom komt namelijk steeds een beetje dichterbij. Misschien ga ik uiteindelijk een scheikundige opleiding doen. Dat lijkt me ontzettend mooi. Ik vind scheikunde interessant en het idee dat ik daar uiteindelijk mijn werk van zou kunnen maken, spreekt me enorm aan. Maar er is nog een andere mogelijkheid die mij heel erg aanspreekt: een opleiding tot ervaringsdeskundige. Want als ik iets heb geleerd van de afgelopen jaren, is het hoeveel verschil het kan maken wanneer iemand je écht begrijpt. Ik zou het prachtig vinden om iets bij te kunnen dragen aan de psychiatrie. Misschien als ervaringsdeskundige, misschien op een andere manier. En misschien kan ik daar, naast mijn website, nog veel meer voor betekenen. Als mijn website tenminste iets positiefs kan bijdragen aan anderen.

Een WAJONG zegt niet alles over mijn toekomst

Misschien is dat uiteindelijk wel de belangrijkste boodschap die ik uit mijn eigen situatie wil halen. Dat je een uitkering ontvangt, betekent niet automatisch dat je lui bent. Het betekent ook niet dat je geen ambities hebt. En het betekent al helemaal niet dat je voor altijd afhankelijk zult blijven van de overheid. Soms is een uitkering simpelweg nodig om overeind te blijven. Voor mij is de WAJONG op dit moment geen gemakkelijk alternatief voor werken. Het is juist wat ervoor zorgt dat ik de ruimte krijg om aan mijn herstel, ontwikkeling en toekomst te werken.

Ik schaam me er soms voor dat mijn inkomen van de overheid komt. Dat gevoel is er nu eenmaal. Maar tegelijkertijd probeer ik mezelf eraan te herinneren dat ik mijn situatie niet hoef te zien als een eindpunt. Ik hoef vandaag nog niet te kunnen wat ik misschien over een paar jaar wél kan. Voor nu is dit mijn werkelijkheid. En mijn droom voor de toekomst? Die is nog steeds: zelf mijn geld verdienen, iets betekenen voor anderen en werk doen waar ik trots op kan zijn.

Misschien via de scheikunde. Misschien via de psychiatrie. Misschien via ervaringsdeskundigheid. En misschien via een combinatie die ik nu nog helemaal niet kan bedenken. Maar ik ben er nog niet klaar mee. Integendeel.Ik ben onderweg.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.

Maak jouw eigen website met JouwWeb