Automutilatie: waarom je jezelf pijn doet

Gepubliceerd op 23 augustus 2026 om 11:04

Waarom zou iemand zichzelf bewust pijn doen? Het is een vraag die veel mensen hebben wanneer ze voor het eerst met automutilatie of zelfbeschadiging te maken krijgen. Men is geshockeerd en kan zich niet voorstellen dat iemand dat bij zichzelf 'wil' doen. Misschien nog moeilijker is de vraag: waarom zou iemand dat steeds opnieuw doen?

Voor mij is het antwoord niet één zin.

Ik heb mezelf zes jaar lang beschadigd. En hoewel ik nu al een tijd verder ben, kan ik nog steeds begrijpen waarom het gedrag zo'n sterke aantrekkingskracht had. Niet omdat ik pijn wilde, maar omdat de ontlading na de pijn tijdelijk zoveel rust kon geven in mijn hoofdDat is iets wat ik graag wil uitleggen, omdat ik denk dat begrip begint bij het begrijpen van de functie van zelfbeschadiging.

Wat is automutilatie?

Auto betekent zelf, mutilatie betekent stukmaken. Automutilatie is dus een ander woord voor jezelf stukmaken ofwel zelfbeschadiging of zelfverwonding. Het gaat om het bewust toebrengen van lichamelijke schade aan jezelf. Het doel hiervan is de pijn ervaren en nadrukkelijk niet om te overlijden. Zelfbeschadiging en suïcidaliteit zijn dus niet hetzelfde, hoewel ze wel naast elkaar kunnen voorkomen.

Zelfbeschadiging kan verschillende functies hebben. Iemand kan zichzelf pijn doen om spanning kwijt te raken, om heftige emoties draaglijker te maken, om even niets te voelen, om weer iets te voelen, of om een gevoel van controle te ervaren. Daarom vind ik de vraag “Waarom doe je jezelf pijn?” eigenlijk niet de beste vraag. Een betere vraag is: Wat probeert deze persoon met dit gedrag voor elkaar te krijgen?” Want achter het gedrag zit bijna altijd een functie. Niemand beschadigt zichzelf uit vrolijkheid en een goed gevoel. 

Waarom doet iemand zichzelf pijn?

Zelfbeschadiging ontstaat niet zomaar. De extreme pijn die het even geeft kan verschillende functies hebben. Alle functies komen neer op afleiding van een ander, nog erger gevoel (vaak mentaal) dan het fysieke gevoel van automutilatie.

  • opgebouwde spanning ontladen. Iemand kan dusdanig gespannen zijn dat er een soort explosie ontstaat van gevoel. Dit lijkt maar niet te stoppen. Dit was voor mij de reden dat ik automutileerde. De spanning was zo hoog en ik kon het niet op andere, gezondere manier reguleren. Door een korte maar hevige pijnprikkel kon die spanning worden ontladen als een ballon op spanning die knapt wanneer je er een punaise in stopt. Maar je bent geen gespannen ballon en daarmee is de spanning ook niet zomaar weg te nemen met automutilatie. Echter in je hoofd is wel een koppeling gemaakt tussen automutilatie en gevoel van ontlading, wat als placebo kan helpen en zo toch de spanning reduceert. 
  • Hevige emoties waar iemand niet goed mee om kan gaan. Of het nu angst, woede, schaamte, verdriet, schuldgevoel, zelfhaat of leegte is. Het verdwijnt als sneeuw voor de zon na een automutilatie. Althans dat neem je jezelf voor. Maar eerlijk gezegd verschuift je gevoel. Van leegte naar verdriet. Van verdriet naar schuld. Van woede naar schaamte. En toch lijkt het keer op keer de beste oplossing. Voor sommige werkt het wel, maar ook dat berust veelal op het placebo-effect. Als ik maar automutileer dan voel ik me goed. 
  • Voor sommige mensen is het een manier om zichzelf te straffen. Iemand kan zo kwaad op zichzelf zijn, veelal door het breken van eigen regels, dat automutilatie de enige juiste straf is. oor sommige mensen is het een manier om zichzelf te straffen. Iemand kan zo kwaad op zichzelf zijn, veelal door het breken van eigen regels, dat automutilatie de enige juiste straf is. 
  • een combinatie van overeind moeten blijven staan en niet weten hoe met het leven om te gaan. Zo geeft automutilatie een soort houvast. Een soort ding wat altijd hetzelfde blijft, hoe erg de wereld ook verandert. Dit vind ik lastig om uit te leggen want hoe kan iets negatiefs nu houvast geven? En toch heeft het die functie. 

De ontlading

Daarbij is automutileren ook verslavend. Wanneer de spanning hoog oploopt, kan zelfbeschadiging een heel directe verandering geven. De spanning zakt. Er ontstaat een gevoel van ontlading. Even is het stil.

113 beschrijft dat zelfbeschadiging tijdelijk een gevoel van opluchting kan geven en dat er bij herhaald zelfbeschadigend gedrag een soort dwang kan ontstaan. Ook wordt beschreven dat lichamelijke reacties, waaronder het vrijkomen van endorfinen, kunnen bijdragen aan het tijdelijke gevoel dat iemand zich beter voelt. 

Dat verklaart voor mij een groot deel van het woord verslavendHet is niet noodzakelijk een verslaving in dezelfde medische betekenis als bijvoorbeeld een middelenverslaving. Maar het gedrag kan wel dwangmatig worden.

Je leert als het ware:

spanning → zelfbeschadiging → ontlading

En wanneer je brein die verbinding vaak genoeg heeft ervaren, kan het steeds moeilijker worden om een andere route te kiezen. De ontlading is direct. De gevolgen komen later. En juist die directe beloning maakt het gedrag zo hardnekkig. Want de beloning maakt hersenstofjes aan waarvan je steeds meer nodig hebt voor hetzelfde effect. Zo moet iemand dus steeds meer automutileren voor hetzelfde positieve gevoel ervan. Hierdoor wordt vaak het negatieve gevolg ook groter. 

Fabels

  • Iedereen die automutileert, snijdt in zijn of haar armen. Onzin. Allereerst is het maar een kleine groep die zichtbaar automutileert, dus niet onder de kleding. Velen automutileren op plekken die helemaal niet zichtbaar zijn. Hierdoor blijven deze mensen onder de radar. 
  • Automutilatie kan in heel veel vormen. Snijden is slechts 1 manier, maar nieteens de meest voorkomende wijze. Zo is krassen (dus oppervlakkig de huid beschadigen) de meest voorkomende wijze. En verder kan alles dienen voor automutilatie, schadelijk of minder schadelijk. Bijvoorbeeld je nagels in je huid duwen als je gespannen bent is ook een milde vorm van automutilatie. En zo zijn zijn er tich van manieren. Ik gebruikte bijvoorbeeld ook purgeren als een vorm van straffen en daarmee dus automutileren. 
  • Automutilatie is aandachtzoekerij. Onzin. Allereerst is het waar dat mensen het doen voor aandacht, maar dat is een schreeuw om hulp. Een hele verdrietige vraag of iemand kan helpen omdat deze persoon het zelf niet meer redt. Maar de meeste mensen willen allerminst dat anderen zien dat ze automutileren en schamen zich er zelfs voor. 

Waarom is stoppen dan zo moeilijk?

Stoppen met automutileren is enorm moeilijk. Dit omdat je niet alleen moet stoppen met het gedrag. Je moet leren omgaan met datgene waarvoor het gedrag ooit een oplossing was. Als zelfbeschadiging jarenlang jouw manier is geweest om spanning te reguleren, kun je niet zomaar zeggen: “Vanaf vandaag doe ik het niet meer.” Dan blijft de spanning namelijk nog steeds bestaan. Je hebt dan iets nodig om daarvoor in de plaats te komen. En er bestaat niet dat er één perfecte vervanging. Dat is enorm persoonsgebonden en een enorme zoektocht die iemand veelal niet alleen kan doorgaan. Het betekent dat iemand stap voor stap nieuwe manieren moet leren om emoties, spanning en impulsen te verdragen en te reguleren. En dat kan ontzettend moeilijk zijn.

Ook komen niet langer de endorfinen, waarover ik eerder schreef, vrij. De behoefte naar deze endorfine is immens groot, omdat de eerdere grote hoeveelheid enordifinen het brein hebben geleerd dat het heel veel endorfinen nodig heeft om oke te zijn. Het kost enorm veel tijd voordat de hersenen weer wennen aan een kleine dosis endorfinen. En daarbij zal die shot van endorfinen, waar iemand zo naar verlangt, nooit meer komen. Dus zelfs als iemand op een basislijn weer normale reactie op endorfinen heeft, mist iemand nog steeds de pieken. Daardoor is blijvend stoppen met automutileren enorm lastig. Ook omdat de stap ertoe heel klein is. Je kunt jezelf immers zo eenvoudig een pijnprikkel toedienen. 

Kan je er vanaf komen?

Ja. Maar herstel betekent niet dat je vanaf morgen nooit meer de neiging zult voelen. Zelfs al stop je cold turkey, dan nog blijft de neiging heel lang heel groot. 

Voor mij is het belangrijker geworden om te kijken naar wat er gebeurt vóórdat de drang ontstaat. Wat voel ik? Wat heeft de spanning veroorzaakt? Ben ik overprikkeld? Ben ik verdrietig? Voel ik me afgewezen? Ben ik boos? Ben ik uitgeput? Voel ik niets en wil ik juist iets voelen?

Wanneer je die signalen leert herkennen, ontstaat er soms een klein beetje ruimte tussen de emotie en het gedrag.En juist in die ruimte kan verandering ontstaan. Herstel is daarom niet alleen stoppen met jezelf beschadigenHet is ook leren waarom je jezelf beschadigt en leren wat je nodig hebt wanneer de spanning hoog oploopt. Tussen het opmerken en labelen van de spanning en het hoog oplopen van de spanning heb je een nieuwe manier nodig om de spanning niet zo hoog op te laten lopen dat automutilatie de laatste uitweg lijkt. Dit is identiek aan de benadering van andere verslavingen. Ook moet je accepteren dat in het begin je basislijn verstoort is doordat het brein gewend is aan de shotten endorfinen. Je zult dus aan het begin veel meer spanning en ongemak ervaren dan later in het proces. Dit moet je accepteren en niet naar handelen en dat is wat zo ontzettend moeilijk is. Maar ik kan je beloven dat het wel resultaat geeft, namelijk het terugveranderen van de hersenstructuur waardoor de basislijn weer terugkomt op normaal. Om hem daar te houden heb je andere copingsmechanismen nodig dan automutilatie. Daarom is het belangrijk om in behandeling te gaan.

Hoe ziet behandeling eruit?

Er bestaat niet één behandeling die voor iedereen werkt. De behandeling wordt meestal afgestemd op de persoon, de functie van het gedrag en eventuele onderliggende psychische problemen.

Een eerste stap kan de huisarts zijn. Die kan samen met iemand bekijken welke hulp passend is en eventueel doorverwijzen naar de GGZ. Behandeling kan onder andere bestaan uit psychotherapie en, afhankelijk van de onderliggende problematiek, medicatie. Belangrijk is dat niet alleen de zelfbeschadiging wordt behandeld. De onderliggende problemen moeten aandacht krijgen.

De Nederlandse richtlijn benadrukt dat zelfbeschadigend gedrag in een open en niet-oordelende houding besproken moet worden en dat onderzocht moet worden welke onderliggende problematiek behandeld moet worden. Zelfbeschadiging zou bovendien geen reden mogen zijn om iemand zorg te weigeren of te beëindigen. Dat vind ik een belangrijke boodschap. Je hoeft niet eerst te stoppen met jezelf beschadigen om hulp te verdienen. Maar je moet ook niet het zelfbeschadigen uit de bocht laten vliegen omdat je weet dat je hulp gaat krijgen.

Die laatste zin klinkt misschien heel extreem. En toch is dat wat gebeurt bij bijna elke verslaving. Als iemand weet dat behandeling gaat komen, gaat iemand veel meer gebruiken. Nu kan het nog. Nu 'mag' het nog. Nee fout, hulp zoeken is het begin van hulp. Zo gauw je hulp zoekt, moet je juist als een mallen aan de slag gaan met 1) zo min mogelijk automutileren, 2) de reden achter het automutileren in beeld brengen en 3) bedenken wat jij nodig hebt van hulpverlening te laten werken. Dat is een stuk efficiënter maar ook een stuk moeilijker dan de nu kan het nog methode. 

Helaas loopt iemand di automutileert vaak tegen een muur van onbegrip, zowel in de wereld als in de psychiatrie. Zo is er in de GGZ-klinieken een zero-tollerance beleid, wat betekent dat als je maar 1 keer automutileert, je ontslagen wordt. Dit is een lastig evenwicht. Enerzijds is die benadering nodig, want als ze het toestaan, dan gaat iedereen door met automutileren. Maar helaas gaat het vaak mis. Of iemand wordt direct ontslagen, of iemand verbergt het. Beiden leidt niet tot verbetering. Ik vraag me af of een kliniek de juiste plek is voor iemand die automutileert. Ik denk dat er grotere winst kan worden behaald in ambulante therapie. Daar kan een persoonlijke benadering worden gemaakt. 

Echter zijn er velen die klinisch worden behandeld voor een andere aandoening (depressie, eetstoornis, ontwrichting ASS, borderline, suïcidaliteit, etc.) die ook automutileren. Ik adviseer om hier direct helemaal open over te zijn en je te laten helpen. Benoem het ook vooral bij de intake en maak er afspraken over. Zo kunnen ze in de kliniek alle scherpen voorwerpen innemen, wat de stap kleiner kan maken. Ook mag je het bespreekbaar maken. Op elk moment. Ook als je op je piek van je spanning kun je samen de spanning verlagen en zo automutilatie voorkomen. 

en maar één manier heeft gekend om met overweldigende emoties om te gaan, is dit eigenlijk een compleet nieuwe vaardigheid.

Hoe leer je dan zonder zelfbeschadiging omgaan met spanning?

Dat is voor iedereen anders. Het gaat niet om één universeel lijstje met alternatieven. Wat iemand helpt, hangt af van de functie die zelfbeschadiging voor die persoon heeft. Als iemand zichzelf beschadigt om spanning kwijt te raken, kan het helpen om andere manieren te ontwikkelen om lichamelijke spanning te reguleren. Als iemand zichzelf beschadigt om emoties te verdoven, kan juist het leren verdragen en benoemen van emoties belangrijk zijn. Als iemand zichzelf beschadigt omdat diegene zichzelf haat, moet er misschien gewerkt worden aan zelfbeeld en zelfcompassie. Als trauma een rol speelt, kan traumabehandeling onderdeel worden van het herstel. Daarom vind ik het te simpel om tegen iemand te zeggen: “Doe gewoon iets anders.” Je moet eerst begrijpen wat het gedrag voor iemand doetPas daarna kun je op zoek naar iets wat diezelfde behoefte op een veiligere manier kan beantwoorden.

De cijfers

Zelfbeschadiging komt veel vaker voor dan veel mensen denken. Bij jongeren en adolescenten wordt geschat dat ongeveer 18 tot 25 procent zichzelf ooit opzettelijk heeft beschadigd zonder de bedoeling om te overlijden.

Tegelijkertijd zijn cijfers lastig met elkaar te vergelijken. Onderzoeken gebruiken verschillende definities en niet iedereen die zichzelf beschadigt vertelt dit aan anderen of zoekt medische hulp. Bij volwassenen lopen schattingen daarom eveneens uiteen.

Zelfbeschadiging komt het meest voor bij jongeren, maar het is zeker geen probleem dat alleen bij pubers voorkomt. Het kan op latere leeftijd ontstaan of jarenlang doorgaan. Dat laatste herken ik zelf. Zes jaar lang was dit onderdeel van mijn leven, tot aan mijn 22e levensjaar.

Waarom doen sommige mensen het zichtbaar en anderen verborgen?

Dit is iets waar ik persoonlijk mee worstel. Ik heb mezelf altijd beschadigd op plekken die onder mijn kleding zaten. Ik wilde niet dat iemand het zag. Daarom vind ik het soms moeilijk om te begrijpen wanneer iemand zichzelf beschadigt op een plek die zichtbaar is.Maar ik denk dat juist daar mijn eigen ervaring mij iets heeft geleerd. Mijn manier van zelfbeschadigen is niet de standaard.

Iemand die het zichtbaar doet, hoeft niet automatisch aandacht te willen. Misschien denkt die persoon op dat moment helemaal niet aan zichtbaarheid. Misschien is het verbergen van de verwondingen geen prioriteit. Misschien wil iemand dat een ander ziet dat het slecht gaat. Misschien spelen er weer andere redenen. En misschien weten we het gewoon niet. We kunnen het gedrag van een ander niet volledig begrijpen door alleen naar de plek of de vorm ervan te kijken. Wat mij betreft is de belangrijkere vraag:

Hoe gaat het met deze persoon?

Begrip creëren

Ik denk dat we veel kunnen winnen door anders over zelfbeschadiging te praten.

Niet:

“Waarom doe je zoiets?”

Niet:

“Je doet dit alleen maar voor aandacht.”

Niet:

“Je moet er gewoon mee stoppen.”

Maar:

“Ik zie dat je ergens mee worstelt.”

“Wil je vertellen wat er gebeurt voordat je jezelf pijn doet?”

“Wat kan ik voor je doen om je te helpen?”

Dat betekent niet dat je het gedrag moet goedkeuren.

Begrip betekent niet dat je zegt: “Het is prima dat je jezelf beschadigt.” Begrip betekent dat je probeert te begrijpen waarom iemand dit nodig heeft. Je kunt gedrag afkeuren en tegelijkertijd compassie hebben voor de persoon. Sterker nog: ik denk dat juist die combinatie nodig is.

Ik heb het zes jaar gedaan

Ook ik ben aangelopen tegen de muur van onbegrip. Behandelaren veroordeelden het gedrag. Naar de anorexia kijken vond iedereen heel urgent. Maar mijn automutileren hoorde er maar gewoon bij. Ik mocht er amper over praten. Ook wisten mijn behandelaren niet in welke maten ik automutileerde, omdat ik het niet deed op zichtbare plekken. En erover praten durfde ik de eerste jaren ook niet. Dit alleen al om het zero-tollerance-beleid en daarmee de angst dat ik geen behandeling zou krijgen voor mijn eetstoornis en daaraan zou komen te overlijden. Nu heb ik nooit (stiekem) geautomitileerd in de kliniek omdat die regeling gold, maar ik was bang dat ik dat helemaal niet kon dus dacht ik, ik zeg wel niets dan gebeurt er ook niets als het misgaat. 

Als ik terugkijk op die zes jaar, zie ik niet alleen iemand die zichzelf pijn deed. Ik zie iemand die probeerde te overleven met de middelen die op dat moment beschikbaar waren. Dat betekent niet dat ik blij ben dat het gebeurde. Ik had liever andere manieren geleerd. Maar ik wil mezelf ook niet blijven veroordelen voor het feit dat ik toen niet wist wat ik nu weet. De zelfbeschadiging heeft mij uiteindelijk niet gegeven wat ik nodig had. De ontlading duurde maar even, de onderliggende pijn bleef. Herstel betekende daarom voor mij niet alleen leren om mijn lichaam geen pijn meer te doen. Het betekende leren luisteren naar wat eronder zat. Leren voelen. Leren verdragen. Leren praten. Leren hulp vragen. En vooral: leren dat ik niet pas hulp verdien wanneer ik alles onder controle heb. En deze skills hebben me niet alleen geholpen met het stoppen met automutileren , maar zijn ook de start geweest voor het anders nadenken over mijn anorexia. Uiteindelijk ben ik helemaal gestopt met automutileren zonder daarmee hulp te krijgen. Ik gun jou die hulp wel. Maar weet, stoppen kan, ook als het al jaren een vast patroon is. 


 

Hulp zoeken

Als je jezelf beschadigt, hoef je niet te wachten tot het erger wordt voordat je hulp zoekt. Je kunt beginnen bij je huisarts of een behandelaar. De behandeling richt zich niet alleen op het stoppen van het gedrag, maar ook op de problemen en emoties die eraan ten grondslag liggen.

Als zelfbeschadiging samengaat met gedachten aan zelfdoding, is het belangrijk om dat ook expliciet te vertellen aan iemand die je vertrouwt of aan een professional.

In Nederland kun je anoniem terecht bij 113 Zelfmoordpreventie via chat of telefoon. Bij direct levensgevaar bel je 112.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.

Maak jouw eigen website met JouwWeb