Ik wil herstellen. Ik wil af van die kloten eetstoornis. Ik wil leven. Ik wil uit dit zieke wereldje. Ik wil een gewoon leven in een gewone wereld, zonder ggz, zonder ziekenhuizen, zonder eetstoornisklinieken, zonder behandelingen. Ik wil uit het leven halen wat er uit het leven valt te halen. Ik ga eten. Ik ga aankomen. Ik ga mijn lichaam gunnen wat het zo hard nodig heeft. Vocht. En voeding. Genoeg om aan te komen tot een gezond gewicht en dan een normaal leven starten met mijn gezin. Bye Bye eetstoornis. Maar daar komt de sondevoeding. NEEEEEEEEEEEEEEEEE, ik wil dit niet, hoe zorg ik dat dat niet in me komt? Hoe krijg ik zo min mogelijk binnen met zo min mogelijk weerstand van mijn omgeving. Welcome back eetstoornis.
Dit was mijn continue strijd. Ik wilde echt heel graag beter worden maar in het moment lukte het gewoon niet. De paniek overwon bij alles wat me herinnerde aan eten of drinken, nutridrinken of sondevoeding. Elk druppeltje vocht via het infuus gaf me een koude rilling. Elke keer dat geluidje van die pomp, als de sonde inliep maakte me gestresst. Al het eten en drinken voor me voelde als onmogelijk om naar binnen te werken. In het grote geheel wilde ik heel graag eten en drinken en een normaal leven, maar in het moment wilde ik helemaal niets. Nou ja ik wilde bewegen en ik wilde het eten door de ruimte gooien. 100% motivatie tot herstel, maar zo gauw je de eetstoornis activeert is het alsof een ander almachtig hersendeel je volledige hoofd overneemt. Wint van iedere andere, ook maar een beetje weldenkende hersencel. En keihard roept de eetstoornis. In het meest gunstige geval blijft het bij roepen. Maar meestal volgt, hoe rot ook om toe te geven, het handelen. Zelfs in een omgeving waarin dit eigenlijk niet kan. Een omgeving van controle, een omgeving met afspraken tegen de eetstoornis in. ziekenhuizen waar ik de sondevoeding aanlengde en de infusen stopten. Klinieken waarin ik de nootjes in alle plooien van mijn kleding liet verdwijnen. In het moment was ik 100% eetstoornis AAN.
waarom gaat het mis
Ik ging naar die omgeving toe met de beste bedoelingen. Dit keer geef ik de controle uit handen. Ik ga het kut vinden, ik ga het vreselijk vinden, maar ik geef een ander de macht om te beschikken over de mogelijkheid onder de regels die tegen mijn eetstoornis ingaan uit te komen. En toch, hoe beschermd de omgeving is, altijd vindt de eetstoornis een uitweg. Een manier om te manipuleren.
Het absurde is dat ik me bijna onoverwinnelijk voelde bij het bedenken van een waterdicht plan tegen mijn eigen zorg en daarmee tegen mijn overlevingskansen in. Yess man, ik had ze weer om de tuim weten te leiden, ik was ze weer te slim af. En tijdens het uitvoeren van mijn eetgestoorde gedrag voelde ik me een soort kind dat de koekjes uit de snoeptrommel jat. Op mijn hoeden, ondeugend en tegelijkertijd enorm opgewonden over het feit dat ze iets doet wat ze niet mag doen maar vrij zeker is dat dit lukt.
Dit gevoel houdt een redelijke tijd aan. Eigenlijk veel te lang. Maar na een uur, soms iets langer, komt het pijnlijke besef, dat je weer je eigen behandeling hebt gesaboteerd. Dat je weer een kans tot een stapje richting herstel in de prullenbak hebt geflikkerd. Dat je jezelf weer een truc hebt aangeleerd, die je jezelf bijna niet kan afleren, want je weet nu immers, het is efficiënt. De enige manier om dit anders te gaan doen, is naar de verpleging toegaan, vertellen wat je hebt gedaan (vaak al meerdere keren voor je eindelijk de moed hebt gevonden), je keihard schamen, hopen dat dit geen reden is om je weg te sturen en hopen dat ze een plan met je wil bedenken om dit niet langer te doen (in eetstoornisland ook wel ‘je achterdeuren dichtgooien’ genoemd).
Achterdeuren dichtgooien
Een achterdeur is een manier waarop je onopgemerkt eetgestoord gedrag kunt vertonen. Zolang de achterdeur openstaat, kun jij dit gedrag uitvoeren. Bijvoorbeeld: jij komt erachter dat je kunt braken in de kliniek zonder dat de verpleging daar achter komt. Zolang jij niet vertelt aan jouw behandelaren dat jij braakt, hou jij een achterdeur open. Dat braken kan worden vervangen door ierder eetgestoord gedrag. Eetgestoord gedrag wat je bewust blijft uitvoeren. Vaak uit angst. Want welke hel breekt er los als je stopt met dat gedrag?
Voor iedereen die achterdeuren heeft, alsjeblieft, gooi ze dicht, want zelf gaat je dat niet lukken. Je eetstoornis gaat jou nooit toestemming geven om dit gedrag niet meer uit te voeren, terwijl het weet dat jij dit ongestraft kan doen. Wees niet bang om weggestuurd te worden. Juist wanneer je deze methoden niet deelt en ze erachter komen dat je ze wel uitvoert (en vroeg of laat gebeurt dat echt wel een keer) is dat reden voor ontslag). Maar ze behouden heeft echt geen enkele zin, je voedt je eetstoornis, geeft het meer kracht, leert daat deel van je brein steeds geheimer en achterbakser te worden. En beter zul je er zeker nooit van worden. Fysiek niet en mentaal zeker niet.
Redenen om de achterdeuren niet dicht te gooien zijn vaak schaamte en de angst om dat gedrag niet langer zonder consequenties te kunnen uitvoeren. Het dichtgooien van de achterdeurtjes is echt heel belangrijk. Het is de enige manier om de weg naar herstel te volgen. Neem iemand die je vertrouwt apart en vertel het hem of haar. Of dit nu een therapeut, familielid of vriend is. Je kunt dit. Ookk als je je schaamt. Ik wet uit ervaring hoe moeilijk het is om voor het eerst aan. iemand te vertellen dat je braakt om te compenseren of dat je niet eet waar anderen niet bijzijn of dat je............
Neem iemand in vertrouwen. Je hoeft het niet alleen te doen.
Reactie plaatsen
Reacties